Sociale afstand

door Giorgio Agamben

vertaling van Distanziamento sociale
(6 april 2020)

Waar de dood ons wacht is onzeker; laten we hem overal verwachten. Je instellen op de dood is je instellen op de vrijheid. Wie geleerd heeft te sterven heeft afgeleerd om slaaf te zijn. Kunnen sterven bevrijdt ons van alle onderwerping en dwang.
Michel de Montaigne

Aangezien de geschiedenis ons leert dat elk sociaal verschijnsel politieke gevolgen heeft of kan hebben, is het meer dan eens nodig om ons bewust te worden van het nieuwe concept dat vandaag zijn intrede heeft gedaan in de politieke woordenschat van het Westen: de ‘sociale afstand’. Hoewel de term waarschijnlijk is geïntroduceerd als een eufemisme voor het confronterende, en tot nog toe gangbare begrip ‘opsluiting’, moet men zich afvragen hoe een politiek systeem dat op dit concept is gebaseerd eruit zou kunnen zien. Dit is des te urgenter, nu het niet alleen om een puur theoretische hypothese gaat, maar het werkelijk zo is dat, zoals van steeds meer kanten wordt erkend, de huidige gezondheidsnoodtoestand kan worden beschouwd als een kweekvijver voor een nieuwe politieke en sociale orde die de mensheid te wachten staat.

Ook al suggereren dwazen steeds weer dat een dergelijke situatie ook als positief kan worden opgevat, en dat nieuwe digitale technologieën het al lang mogelijk maakten om op een prettige manier op afstand te communiceren, geloof ik niet dat een samenleving die is gebaseerd op ‘sociale afstand’ menselijk en politiek leefbaar is. In ieder geval, wat het vooruitzicht ook is, het lijkt mij dat we over deze kwestie moeten nadenken.

Een eerste aandachtspunt betreft de werkelijk unieke aard van het fenomeen dat de maatregel van de ‘sociale afstand’ heeft veroorzaakt. Canetti stelt in zijn meesterwerk ‘Masse und Macht’ dat de macht van de massa is gebaseerd op de omkering van de angst om aangeraakt te worden. Terwijl mensen meestal bang zijn om aangeraakt te worden door vreemden, en de afstand die mensen tot elkaar bewaren het gevolg is van deze angst, is de massa de enige situatie waarin deze angst wordt omgekeerd in zijn tegendeel. ‘Alleen in de massa kan de mens worden verlost van de angst om aangeraakt te worden… Vanaf het moment dat we ons overgeven aan de massa, zijn we niet bang om aangeraakt te worden… Iedereen die we tegenkomen is hetzelfde als wij, we voelen hen zoals we onszelf voelen. Plots lijkt het alsof alles zich in één lichaam afspeelt… Deze omkering van de angst om aangeraakt te worden, is kenmerkend voor de massa. De opluchting die zo tot stand komt, is sterker naarmate de massa dichter is’.

Ik weet niet wat Canetti zou hebben gedacht van het nieuwe soort massa waarmee we worden geconfronteerd: wat de maatregel van de sociale afstand samen met de paniek heeft voortgebracht, is zeker een massa – maar dan een massa die, als het ware omgekeerd, opgebouwd is uit individuen die koste wat het kost afstand tot elkaar willen bewaren. Een massa die daarom niet dicht is, maar ijl, en die toch nog steeds een massa is, en die, zoals Canetti kort daarna opmerkt, wordt gedefinieerd door zijn eensgezindheid en passiviteit, in die zin dat ‘een werkelijk vrije beweging op geen enkele manier mogelijk is… ze wacht, wacht op een leider, die aan haar getoond moet worden’.

Een paar bladzijden later beschrijft Canetti de massa, die tot stand komt door een verbod, ‘waarin veel mensen die samengekomen zijn, niet langer willen doen wat ze als individuen tot dan toe hadden gedaan. Het verbod is abrupt: ze leggen het zichzelf op… in elk geval raakt het hen met de grootste kracht. Het is net zo beslist als een bevel; kenmerkend is echter het negatieve karakter’.

Het is belangrijk dat we begrijpen dat een gemeenschap die is gebaseerd op sociale afstand, niet, zoals men naïef zou kunnen geloven, te maken heeft met een overdreven individualisme: integendeel, zoals we vandaag de dag om ons heen zien, gaat het hier om een ijle massa, gebaseerd op een verbod, die juist daarom bijzonder eensgezind en passief is.

6 april 2020
Giorgio Agamben